Fabrieken in Helpman:
Wat zat er ooit in de pand Helper Westsingel 88

Afbeelding6 Afbeelding7

De uit Duitsland afkomstige E. Noack begon in 1880 met een kleine worstmakerij in het centrum van Groningen. Het bedrijf groeide en breidde uit: er kwam een fabriek aan de Emmasingel en in 1901 nóg een fabriek aan de Helper Westsingel 88 in Helpman. Het bedrijf telde toen rond de honderd werknemers. Bovendien vestigde het filialen in Nederland, Europa en Indië (het huidige Indonesië). De vleeswaren en vleesconserven werden onder meer verscheept naar het toenmalige Oost- en West- Indië, China en Zuid-Afrika.
Dat zijn waren altijd van ‘uitstekende eerste kwaliteit vleesch’ werden gemaakt, was niet helemaal waarheidsgetrouw, want de Keuringsdienst van Waren beboette Noack een paar keer omdat hij ongekeurd vlees gebruikte.
Al in 1903 werd de fabriek in Helpman gesloten en in 1905 werd Noack overgenomen door Zwanenberg uit Oss (nu Unox).
In 1910 brandde het fabrieksgebouw aan de Emmasingel af.
Het werd herbouwd en overgenomen door Theodorus Niemeijer.

J.K. Hammingh kocht in 1918 het pand in Helpman.

  J.K. Hammingh, roepnaam Koos, is geboren in 1876, het jaar waarin zijn vader Egbert een nieuw café laat bouwen aan het Reitdiep in Garnwerd, bij veel Groningers bekend als Café Hammingh. Koos verlaat al op zijn veertiende het dorp om in de stad te gaan werken. Aanvankelijk is de jonge Hammingh winkel- en koopmansbediende, maar in 1902 begint hij voor zichzelf als fabrikant van likeuren in een gedeelte van het Corps de Garde aan het Lopende Diep. Hij noemt zijn bedrijf De Oranjeboom. Drie jaar later heeft hij al meer ruimte nodig en verhuist hij z’n bedrijf naar de Turftorenstraat. Volgens het Groninger Adresboek van 1907-1908 is de fabriek dan alwéér verkast, nu naar Hoge der A nummer 20. Op 12 september 1919 opent Koos een fabriek in Helpman: likeurstokerij De Oranjeboom, de vruchtenwijnfabriek Vinifera en de limonade- en conservenfabriek Fructus.

Afbeelding8Het Nieuwsblad v/h Noorden, 13 september 1919
Een verslaggever van het Nieuwsblad v/h Noorden is aanwezig bij de opening. Hij krijgt een rondleiding door de bedrijfsleider en doet daar het volgende, door mij ingekorte, verslag van.
‘Groningen is op industrieel gebied een Inrichting van betekenis rijker geworden. We bedoelen de nieuwe fabriek “N.V. J.K. Hammingh’s Vereenigde Fabrieken Groningen” aan de Helper Westsingel 88, waarvan de opening 12 september plaats had. In de conservenfabriek zagen we hoe daar vruchten en sappen gekookt werden. Men toonde ons een grote vruchten-kneusmachine met een capaciteit van 25000 kilo per dag en een grote hydraulische pers met een korfinhoud van ca. 1000 kilo vruchten. Men verklaarde ons de werking van een elektrisch aangedreven kurkmachine die 2000 flessen vruchtenwijn of likeur per uur kan kurken. In het laboratorium woonden we enige experimenten bij. In de spoelinrichting zagen we hoe de flessen machinaal gereinigd werden. Ook namen we een kijkje in de frisse kantines voor vrouwen en mannen waar het personeel 's middags de boterham gebruikt. Boven, op de tweede verdieping zijn de kantoren. In het fraaie privékantoor van de directeur prijkten verscheidene bloemstukken als zo vele huldeblijken voor de heer Hammingh. Verder vindt men hier het administratiekantoor, de reizigerskamer en de monsterkamer. In het geheel hebben we een 48 vertrekken doorwandeld. Het zou ons te ver voeren om die alle te noemen maar wij kunnen wel zeggen, dat wat het geheel betreft, wij de indruk gekregen hebben dat alles netjes en zindelijk is en dat bij de bereiding der artikelen de eisen van de hygiëne in acht genomen worden. Groningen bezit, zooals we boven reeds zeiden, met deze fabriek een inrichting, die de vergelijking met andere van dergelijken aard in andere plaatsen gerust kan doorstaan.’

De in aanbouw zijnde Schildersbuurt biedt Koos Hammingh de mogelijkheid zijn drankimperium nog verder uit te breiden. Hij verwerft voor die buurt een ‘vergunningsrecht voor den verkoop van sterke drank in het klein’.
In 1916 opent hij op het Jozef Israëlsplein een slijterij onder de naam N.V. De Oranjeboom.

Afbeelding9

In 1933 gaat de fabriek in Helpman failliet, maar omdat de slijterij een aparte NV is, valt die buiten het faillissement.
De slijterij bestaat nog steeds, maar nu onder de naam De Kabouter.

Afbeelding10
Van het pand aan de Helper Westsingel is alleen het kantoorgebouw nog over.
In de fabriekshallen hebben na het faillissement nog verschillende bedrijven gezeten, waaronder een asfaltfabriek, een mosterdfabriek, een apparatenfabriek, een meubelwerkplaats, Wasserij Doornbos en het jeugdgebouw Krotje.
De hallen zijn inmiddels afgebroken om plaats te maken voor appartementencomplex De Jullenshoek.

powered by social2s
Cookie informatie

De WijkHelpman.nl-website maakt gebruik van cookies. Een cookie is een klein tekstbestandje, dat bij bezoek aan de website wordt geplaatst op de harde schijf van je computer. Een cookie bevat gegevens, waarmee jouw voorkeuren tijdens het bezoek aan onze site worden opgeslagen. Deze informatie kan door WijkHelpman.nl niet gebruikt worden om persoonlijke gegevens van bezoekers te achterhalen.  Wel kunnen we daardoor bijvoorbeeld zien hoeveel bezoekers er geweest zijn en uit welke landen die komen. (we gebruiken Google Analytics)

Privacy policy